Krabbenplezier

Voordat we het vakantiehuisje in Denemarken bereikten, stuurden de gastvrouw en ik wat over en weer. Toen ze hoorde dat we een zoon van 8 mee hadden, kwam ze ons welkom heten. Ze had een roos touwtje mee, en een wasknijper. Geanimeerd vertelde ze hoe we mét dat touwtje krabben konden vangen. “Maar hoe blijft die krab dan aan dat touwtje?” vroeg m’n zoon. Ze vertelde hoe de krab zou smullen en al smullend mee naar boven gehesen worden. We hadden nooit gedacht dat onze zoon, met z’n speelkamer vol speelgoed, urenlang zou spelen met een touwtje en een wasknijper. Maar het gebeurde. Het was het soort zalige eenvoud, waar ik hier en hier al wat over schreef. En het deed zo deugd. De zee. Het touw. De wasknijper. En wachten maar…

Krabben vangen, dat begint natuurlijk met de goede uitrusting. Touw en een wasknijper. Meer was het bij ons niet. Met een goede plek. Een zee, vol stenen waar krabben het heerlijk vinden zich tussen te nestelen. En aas! 

Als mama kreeg ik de eer om een verse mossel open te doen, en met een plastic zakje rond m’n hand, het slijmerige diertje tussen de wasknijper te plaatsen. Het aas was klaar. De visser was er klaar voor. De plek was ideaal. Tijd om krabben te vangen dus.

We wandelden, en onze zoon liep steigertje op, steigertje af, rotsblokken op, stenen af, om steeds opnieuw het touwtje in het water te laten en te wachten… te wachten en heel goed te kijken. Zat er wat? Knabbelde daar iemand?

Oh ja! Er werd geknabbeld! Er werd gesmuld en geknabbeld en verorberd door de krabben. Het was altijd een beetje magisch als we er één, soms zelfs twee aan zagen hangen. Ze bengelden even in de lucht, en dan zetten we ze op het strand. Heerlijk om het krabben-smulfestijn te kunnen zien. 

20220806_154347

Beet! Er werden krabben ‘gevangen’! Maar echt “vangen” was het niet. Ze werden even opgetild, bewonderd, en daar weer vrijgelaten.
Ze hebben hun buikje kunnen rondeten, en mochten nu weer verder door het zand naar hun rots kruipen. Zoals krabben dat zo grappig kunnen. 

IMG_20220807_173852

Een keertje ving onze zoon er twee tegelijk. Een mosseldinertje voor twee kleine krabbetjes die hij toepasselijk “krab” en “betje” noemde. Nu zijn er veel dieren die als vanzelf een “oh!” en “ah!” gevoel oproepen. Een snoezig poesje, een pluizig konijn, een jonge puppy. Maar tot zijn en onze verbazing dus ook… “krab” en “betje”. Hij aaide ze zacht over hun schildje. Hij liet ze over z’n handje kriebelen. En ergens, onverwacht, zat daar in z’n hart wat krabbenliefde. Voor “Krab” en “Betje”. Die hij meteen mistte zodra hij ze weer vrij had gelaten. Die avond tekende hij in z’n Denemarkendagboek het hoogtepunt van de dag. Het zou meteen ook het hoogtepunt van de reis worden. Want ondanks boottochten, rollercoasters, legoavonturen, betoverende uitzichten, was het strelen van “krab” en “betje” een topmoment. Het ontroert…