Feest

Feest! Wie wordt daar niet blij van! Ik heb zo’n warme herinneringen aan de feesten bij m’n ouders vroeger. Elke keer als er vrienden en familie kwamen, was het wel feest. Aanleiding of niet, het voelde als feest. Feest, is dat niet als mensen samenkomen? De “grote  tafel” werd nog groter gemaakt, en prachtig gedekt. Met een stoffen tafelkleed, mooie servetten, bloemen of kaarsjes of andere decoratie. De “zithoek”, werd een plek waar het glas werd geheven, waar iedereen elkaar klinkend en omarmend vol overstromende hartelijkheid elkaar ontmoette. Het was ook de plek waar het heerlijk was als kind om ‘bij de grote mensen’ te mogen zitten, mee te luisteren en erbij te horen, knabbelend aan wat voor ons op tafel werd gezet. Terwijl iedereen genoot van de met zorg bereide aperitiefhapjes, kommetjes en volledige aperitiefplanken, met een feest aan smaken. Feest dat was overvloed! Gezelligheid! Hartelijkheid! De keuken in gaan om te zien of we nog even konden helpen met het dresseren van de borden, al met het water in de mond bij al die zo fijne gerechten die m’n moeder op tafel kon toveren. Toen m’n Bobonne er nog bij was, was dat ook het moment dat ze in de keuken vertelde over hoe de Franse chef kok dit of dat bereidde. En het was de plaats van waaruit we ‘uitwaaierden’ op het heerlijks naar ieders plaats te brengen. Eerst de dames, dan de heren. Hoewel mijn grootmoeder de gedachte genegen was, dat het beste stukje vlees, of de grootste portie uiteraard naar de mannen moest gaan. Feest, dat was genieten van de vertrouwde smaken: dé gerookte heilbotsoep met bieslook uit de leeuwenkop-soepkommetjes, het stukje kabeljauw met “de goeie saus” waar ik al van zou bijnemen nog voor ik begonnen was, met het grondwitloof en het zacht pureetje. “Het beest” met Kerstmis, fijn gesneden, met alweer een te goed sausje, de gekookte appeltjes met veenbessensaus… En tegelijk was het ook genieten van de laatste culinaire ontdekkingen, de pastinaakfrietjes met Chomizo, iets met quinoa, de venkelcrumble met kerstomaatjes … Wat een heerlijkheid in alle opzichten. Wat minstens zo heerlijk was als het eten, was de verbondenheid, of het met familie was of vrienden… steeds gezellig, steeds was er nog een plekje vrij om op en aan te schuiven op de lange zetels in de zithoek, en vaak werd er gelachen en gezongen. Al dan niet met een feestlied, gemaakt op de melodie van “Belle qui tiens ma vie” of “Alta Trinita”. Al dan niet met speeches uit het hart, met lachsalvo’s en tranen. Feest! Dat is om nooit meer te vergeten…

Dag feestbloem,

Nu ik zelf opgegroeid ben, vind ik het zo belangrijk de grote gelegenheden aan te grijpen om volop te feesten. En dat begint met het huis aan te kleden. Voor het vormsel van m’n zoon, een geweldige reden om te feesten, deed ik iets wat ik anders zelden doe: ik kocht bloemen! Witte pioenen. Kijk toch eens! Ze zijn een feestje op zichzelf! Sommige in de knop, de meeste zo rijkelijk opengegaan. Als onschuldige ballerina’s dansen ze op de feesttafel. Wat een vreugde, gewoon al om ze elke dag te zien openkomen, mee te zien feesten, en mee te zien nagenieten… Deze zomer heb ik echt bloemen weten waarderen. Geregeld knipte ik er verse uit de tuin, en schikte ze in een vaasje op tafel bij de foto’s. Als er feest kwam, dan vulde ik vier of vijf vaasjes vol… met gele Dahlia’s, en roze, witte, paarse Zenia’s. Met witte bloempjes die uit de tuin van de buren onze tuin gevonden hadden. Zoveel moois staat zo prinsheerlijk te bloeien… wat een vreugde, ja, wat een feest om er ook hier, elke dag, van te kunnen genieten! Van pioenrozen tot distels…

 

Dag decoratie,

Wie mij kent, weet dat ik me daar graag in laat gaan… Het huis decoreren voor een feestje, is ook volgens het principe van de overvloed. En voor een verjaardagsfeestje, dat de voorbije jaren steeds in thema was (die fase zijn we nu voorbij), was het me al helemaal uitleven. Kartonnen treinen, kippen uit papier mâché, salamanderslingers, een pancarte van Kaatje (uit Kaatje en Kamiel), heel veel gekleurde gevouwen vogels aan het plafond… we hebben er ons al vele jaren zo mee geamuseerd, de voorbereiding en het feestje zelf. Nu mijn zoon stilaan de themafeestjes leeftijd voorbij is, is het decoreren iets minder creatief, maar nog steeds uitbundig. Elke slinger wordt opgediept en opgehangen aan ons systeem van magnetische haken over de hele benedenverdieping. Ballonnen worden opgepompt (met toch altijd die testfase “hoe groot kunnen ze worden?”). En er komen van die reuzegrote ballonnen aan te pas, of confetti ballonnen, metallic ballonnen… Onze zoon geeft dan af en toe nog een persoonlijke toets door er wat op te tekenen. Alles versieren, dat is ook feest! Zoals de strik om de stoel bij een verjaardag… de eerste hint dat het feest is begonnen!

Dag feesttafel,

Heerlijk is dat, de tafel dekken, een tafel die langer is dan gewoonlijk. Dat wil zeggen de Ikea-gele klapstoelen van de familiefeesten van vroeger, weer mogen bovenhalen. De schragen en het tafelblad van de buren mogen lenen. feest-tafelkleren aan elkaar rijgen. Zitplaatsen creëren. Bloemetjes op tafel zetten. En dan wachten tot de gasten aanschuiven. Het doet me denken aan “build a larger table, not a higher wall”. Een soort aanschuif-gezelligheid, met het ongedwongene van een picknick.  Een plek waar iedereen welkom is. Waar oude banden worden aangehaald en nieuwe vriendschappen worden gesmeed. En dat was ook werkelijk zo. Want voor het vormsel vulde ons huis zich met familie: biologische familie, kathedraal familie, vrienden, kinderen. Het werd één gezellig aanschuiven, één verbroederen, één overvloed. Ik kan me inbeelden waarom ze de hemel voorstellen als een groot banket. één lange tafel. (ik wil niet weten hoeveel hemelse schragen daar voor nodig zijn). En een heerlijk aanschuiven bij elkaar… Dat is de hemel: “Kom erbij!”

Dag aperitiefhapje,

Al hebben we de aperitief-cultuur echt van thuis meegekregen, en geniet ik enorm van het degusteren van allerlei kleine met zorg bereide hapjes in schattige bijbehorende potjes en lepels en op stevige planken, zelf maak ik nauwelijks aperitiefhapjes. Misschien omdat ik met een beetje zelfkennis weet, dat ik me anders al heb rond gegeten, nog voor het hoofdgerecht. Of omdat we onze feesten in de namiddag houden, en dan vaak gaan voor de truck met het buffet. Meestal een dessertenbuffet. Bij bepaalde gelegenheden al eens eens een broodjesbuffet, of een Indisch buffet. Maar nu kregen we de familie op bezoek, en wilden we nog eens een echt feest, met échte aperitiefhapjes. En dit was er ééntje van. Rode bietjes, wat koolrabi, gerookte forel, zure room en verse dille die ineens alles lekker maakt. Waar ik m’n inspiratie voor dit hapje haalde, lees je hier. En zo werd de familiebijeenkomst, met de ‘voor de gelegenheid gemaakte aperitiefhapjes’, extra feestelijk. 

Dag Heilig Feest,

Ja, steeds als ik ‘Heilige Geest’ wil schrijven, ‘corrigeert’ de smartphone het vanzelf in ‘Heilige Feest’. Eigenlijk is dat wel tof, want de Heilige Geest, is altijd wel een beetje feest ook! En het vormsel van mijn zoon, dat net op Pinksteren gevierd werd, was dan ook werkelijk een ‘heilig feest!’ Het bidden om de Heilige Geest, het vieren van de Heilige Geest (over Pinksteren schreef ik hier al eens iets), de bevestiging van de Heilige Geest…  en ja, zelfs een knipoog van de Heilige Geest. Want op het einde van de viering, dwarrelden rode blaadjes als vurige tongen van het plafond van de kathedraal naar beneden. Een tastbaar teken, van de ervaring van de leerlingen die ook onze ervaring mag worden: de nederdaling van de Heilige Geest! En elke keer wanneer ik nog zo’n blaadje terugvind… , in m’n jaszak, op de vloer in de kathedraal, ergens in m’n rugzak of bij een boek, dan is het altijd weer zo’n heerlijke knipoog, van de Heilige Geest, ja wat Heilig Feest!

Dag iets nieuw,

Feest, dat is ook eens iets nieuw proberen. Zo mocht ik op de morgen van een Indisch feest dat we zouden vieren, voor het eerst dit zien en klaarmaken: de bloemen van een banaan! Bovenop een bananentros groeit deze bloem, waaruit kleine banaantjes komen. Mijn opdracht was om de hele bloem in piepkleine stukjes te snijden. Want het zou gebruikt worden in een ‘bananen-bloem-curry’. Bloemen is al feest. Als ik ergens in een restaurant eetbare bloemen op zie liggen, dan is het nog feestelijker. En nu mag ik hier gewoon exotische bananenbloemen snijden, knal in m’n Vlaamse keuken. Dat voelt toch wel bijzonder. Dan is het toch wel teken dat het een speciale gelegenheid is. Een gelegenheid waar bloemen, eten worden. Waar we nieuwe dingen uitproberen. En ja, dat geeft vreugde. Toegewijd snijd ik de bananenbloem. Er is engelengeduld voor nodig. Ik denk aan artisjokharten. Of aan een vriendin die magnoliablaadjes op sla doet, of fermenteert. En ik fantaseer hoe wonderlijk het wel niet is: eten van de bananenbloem…

c

Dag feestjurk,

Bij feest hoort ook feestkledij. Al was dat voor m’n zoon, ook voor het vormsel, heel rechtdoorzee: geen hemd, geen polo zelfs, geen klassieke broek, alles makkelijk. Voor mij was het een zoektocht, die begon met de oorbellen die ik als eerste had. Nu moest ik dus een kleed zoeken, dat bij die oorbellen ging. Feestkledij is meestal niets nieuws, maar wel het ‘sparen’ van iets om het dan aan te kunnen doen. Maar voor het Indisch festival, was er dus een ‘dress code’. Mijn man bracht een prachtige jurk mee van India, wit, met handgenaaide bloemen op. En dàt is nu de kleur om aan te doen op Onam, het festival. Voor de mannen een witte lungi (een soort witte doek, met een gouden streep voor de gelegenheid, die om de lende wordt gewikkeld), voor de vrouwen iets in het wit. Het kleed dat ze met zoveel zorg hadden uitgekozen was prachtig maar helaas een paar maten te klein. Ik kon er m’n armen niet in bewegen. Feestkledij moet mooi zijn, maar toch ook nog comfortabel. Bijzonder wanneer je zelf de gastvrouw bent en toch wat moet doen. Gelukkig heb ik een geweldige vriendin die kan toveren met naald en draad. Zij maakte er met veel toewijding een jurk van die me nu echt goed zit, met nieuwe korte mouwen van dezelfde stof. Mijn bovenlichaam en ikzelf zijn haar er héél dankbaar voor! En ja, dan was het echt feest. Met een Indische familie op bezoek, en wij allemaal in dezelfde Indische feestkledij. Het had iets… Dat beetje extra. En dat m’n man me de hele dag complimenteerde met het kleedje, dat was ook al een feest op zich!

Dag feestmaal,

Er is het verrukkelijke eten van m’n moeder bij feesten. Er zijn de buffetten die we zelf al eens opzetten, met vooral veel groenten, Indische kost, of een overvloed aan taartjes. Er wordt ook al eens een Indisch gerechtje op tafel getoverd als er mensen komen eten. Maar dit feestmaal overtrof toch alles. Mijn man en een vriend van hem, hadden speciaal voor het Indische festival de traditionele curry’s gemaakt. Rijst op een groot groen blad (hier in papier, normaal een groot blad van een boom), en dan super veel bijgerechtjes, allemaal curry’s. Pompoen curry, linzen curry, een gember sausje dat pikant, zout en zoet tegelijk smaakt, spicy sambar, geraspte kool met kokos, achar van citroen, de bananenbloemcurry, en nog zoveel meer… teveel om op te noemen… Het was zoveel dat we allemaal teveel aten (ook dat is typisch op een feest… er is altijd nog plaats voor iets extra), en dat we nog een week lang hebben kunnen proeven van al dat lekkers. Want dat is ook feest: niet eten, maar proeven. Degusteren. Van alles wat. Niet gewoon je voeden, maar genieten. Genieten van al dat lekkers en van de liefde waarmee het allemaal is bereid! Feesten is liefde tot in de details, van het gezelschap, tot in de tafel, het eten, de bloemen, de kleren, en de Heilige Geest….